Waarom de zorg nu meer verzuim ziet dan tijdens corona
Margriet Bos ·
Luister naar dit artikel~5 min

Het ziekteverzuim in de zorg steeg naar 7,91 procent, meer dan tijdens corona. Vooral langdurig verzuim baart zorgen. Wat betekent dit voor de sector en de mensen die er werken?
Het is een getal dat je even laat schrikken: 7,91 procent. Dat is het ziekteverzuim in de zorg over het tweede kwartaal van dit jaar. En ja, dat is meer dan in dezelfde periode van 2022, het jaar waarin corona nog volop ons leven bepaalde. Alsof we terug in de tijd zijn gegaan, maar dan zonder de pandemie als excuus. Wat is er aan de hand?
We duiken in de cijfers, want achter zo'n percentage gaan verhalen schuil. Verhalen van zorgmedewerkers die op hun tandvlees lopen, van teams die steeds dunner worden bezet en van managers die zich afvragen hoe ze het roer moeten keren. En eerlijk: het is geen makkelijk verhaal, maar wel een verhaal dat we moeten vertellen.
### Wat zeggen de cijfers precies?
Het ziekteverzuim in de zorg is dus gestegen naar 7,91 procent. Ter vergelijking: in het tweede kwartaal van 2022, midden in de coronagolf, lag dat percentage lager. Dat klinkt misschien tegenstrijdig, maar het verklaart veel over de huidige situatie in de sector.
Vooral het langdurig verzuim springt in het oog. Daar zit de grootste stijging, en dat is zorgwekkend. Langdurig verzuim betekent vaak dat mensen weken of maanden uit de roulatie zijn. Denk aan burn-outs, psychische klachten of herstel na een zware operatie. Het is niet iets dat je met een paar dagen rust oplost.
Danijela Budimir, directeur van Vernet, noemt dit niveau ronduit zorgwekkend. En ze heeft gelijk. Want waar kort verzuim op te vangen is met een extra shift of een flexkracht, daar ligt dat bij langdurig verzuim heel anders.
### Waarom is langdurig verzuim zo'n probleem?
Het antwoord is simpel: het kost tijd, geld en vooral energie. Zorginstellingen moeten continu schuiven met personeel. Dat betekent:
- Meer overwerk voor de mensen die er nog wel zijn
- Minder tijd per patiënt of cliënt
- Een toenemende werkdruk die op zichzelf weer leidt tot nieuw verzuim
Het is een vicieuze cirkel waar moeilijk uit te breken valt. En het raakt niet alleen de zorgverleners zelf, maar ook de kwaliteit van zorg die patiënten ontvangen.
### De druk op de zorg is structureel
We kunnen dit niet los zien van de bredere context. De zorg heeft al jaren te maken met een personeelstekort. De vergrijzing zet door, de zorgvraag stijgt en het aantal beschikbare handen groeit niet mee. Dat legt een enorme druk op de mensen die in de zorg werken.
Daar komt bij dat de zorg zwaarder is geworden. Patiënten liggen korter in het ziekenhuis maar hebben thuis meer zorg nodig. Cliënten in de thuiszorg worden steeds complexer. Dat vraagt meer van zorgverleners, zowel fysiek als mentaal.
En dan is er nog de nasleep van corona. Die periode heeft diepe sporen nagelaten. Veel zorgmedewerkers hebben trauma's opgelopen, van de overvolle ic's tot de eenzaamheid van bewoners die niemand mochten ontvangen. Die mentale bagage komt nu pas echt naar boven.
### Wat betekent dit voor de toekomst?
Als we niets doen, wordt dit probleem alleen maar groter. Zorgorganisaties moeten daarom investeren in preventie. Dat begint met het serieus nemen van signalen. Een medewerker die al weken moe is, is geen aansteller. Dat is iemand die op het punt staat om uit te vallen.
Daarnaast is het belangrijk om te kijken naar de manier van werken. Kunnen we taken anders verdelen? Is er ruimte voor flexibele werktijden? Zijn er voldoende momenten van rust en herstel? Dit zijn geen luxeproblemen, maar noodzakelijke investeringen.
Ook de overheid heeft een rol. De zorg moet aantrekkelijk blijven als werkgever. Dat betekent goede arbeidsvoorwaarden, maar ook een cultuur waarin het normaal is om grenzen aan te geven. Want uiteindelijk draait het om één ding: mensen die met plezier naar hun werk gaan, worden minder snel ziek.
### Een oproep aan iedereen
Dit is geen verhaal dat we kunnen wegwuiven. Het gaat over mensen die elke dag het beste van zichzelf geven voor anderen. En die nu zelf aan de beurt zijn om geholpen te worden.
Dus of je nu directeur bent van een zorginstelling, teamleider, of gewoon iemand die een zorgverlener kent: wees alert. Vraag hoe het echt gaat. Bied ondersteuning voordat het te laat is. Want die 7,91 procent is geen statistiek. Het zijn collega's, vrienden en familieleden die even niet meer kunnen.
En dat is iets wat we ons allemaal zouden moeten aantrekken.