Waarom zorgmedewerkers niet meer uren gaan werken ondanks alle beloftes

·
Luister naar dit artikel~4 min
Waarom zorgmedewerkers niet meer uren gaan werken ondanks alle beloftes

Ontdek waarom zorgmedewerkers ondanks enthousiasme niet meer uren gaan werken. De deeltijdfactor stagneert al zes jaar. Lees de oorzaken en oplossingen.

Je hoort het overal: de zorg heeft meer handen nodig. Maar waarom lukt het dan niet om bestaande zorgmedewerkers meer uren te laten draaien? Uit nieuwe cijfers blijkt dat de zogeheten deeltijdfactor in de zorg al zes jaar stagneert. En dat terwijl er zoveel enthousiasme is om het tij te keren. Laten we eens kijken wat er nu echt speelt. ### De harde cijfers De cijfers liegen er niet om. Sinds 2018 is het aantal uren dat een gemiddelde zorgmedewerker per week werkt nauwelijks gestegen. We hebben het hier over een deeltijdfactor die rond de 0,7 blijft hangen. Dat betekent dat de meeste mensen in de zorg gemiddeld zo'n 28 uur per week werken. Veel minder dan de 36 of 40 uur die in andere sectoren gebruikelijk is. Waarom is dat? Het is niet dat ze niet willen. Uit gesprekken met zorgprofessionals blijkt vaak het tegenovergestelde. Ze dragen hun werk een warm hart toe. Maar de dagelijkse realiteit is weerbarstig. ### De echte obstakels - **Hoge werkdruk**: Wie nu al 28 uur werkt, voelt de druk. Meer uren betekent nog meer verantwoordelijkheid en nog minder tijd voor herstel. Dat schrikt af. - **Onregelmatige roosters**: Vroeg, laat, nachten, weekenden. Het is een puzzel om een werkweek te plannen die niet je hele leven overneemt. Meer uren maakt die puzzel alleen maar lastiger. - **Gebrek aan flexibiliteit**: Veel zorginstellingen bieden starre contracten aan. Medewerkers willen soms juist meer inspraak in hun uren, niet alleen meer uren. - **Emotionele belasting**: Zorgen voor anderen is prachtig, maar ook zwaar. Zonder voldoende hersteltijd loop je vast. Meer uren kan dat risico vergroten. ### Wat er nodig is Het probleem is niet dat zorgmedewerkers lui zijn. Verre van. Het gaat om de voorwaarden. Als we willen dat ze meer gaan werken, moeten we de omstandigheden verbeteren. Denk aan: - **Betere roosterplanning**: Laat medewerkers zelf kiezen wanneer ze extra uren draaien. Geeft ze regie over hun eigen tijd. - **Meer ondersteuning op de werkvloer**: Investeer in hulpmiddelen, extra collega's of simpele dingen zoals goede koffie en een rustige pauzeplek. Het klinkt klein, maar het helpt. - **Waardering en groei**: Laat zien dat extra uren lonen. Niet alleen in geld, maar ook in opleidingsmogelijkheden of carrièrekansen. ### Een citaat uit de praktijk > "Ik werk nu 24 uur in de thuiszorg. Meer uren? Graag, maar dan moet ik wel weten dat ik niet elke avond om 22:00 uur pas thuis ben. Het moet haalbaar blijven." - Marjan, wijkverpleegkundige Dit soort geluiden hoor je overal. Mensen willen best, maar de balans moet kloppen. ### De rol van leidinggevenden Leidinggevenden in de zorg hebben een sleutelrol. Zij kunnen het verschil maken door écht te luisteren naar wat hun teams nodig hebben. Niet alleen over uren, maar ook over werkdruk, roosters en welzijn. Een goede leidinggevende die meedenkt, kan een team motiveren om meer te doen. Maar dan moet die leidinggevende ook de middelen en de ruimte krijgen. ### Tot slot De stagnatie van de deeltijdfactor is geen onwil, het is een signaal. Een signaal dat de zorgsector nog niet klaar is voor een grootschalige urenuitbreiding. Het begint met luisteren, verbeteren en investeren in de mensen die er elke dag staan. Pas dan kunnen we de zorg toekomstbestendig maken. En dat is iets waar we allemaal baat bij hebben.