Waarom een zorginstelling kiest voor twee voorzitters in plaats van een enkele leider
Margriet Bos ·
Luister naar dit artikel~4 min

Amstelring kiest voor een uniek model in de langdurige zorg: een raad van toezicht met twee voorzitters. Ontdek waarom deze constructie werkt en wat het betekent voor de toekomst van zorgbestuur.
Het is een unieke constructie in de langdurige zorg: een raad van toezicht met niet één, maar twee voorzitters. Amstelring, een grote zorgorganisatie in de regio Amsterdam, heeft de afgelopen vijf jaar gewerkt met een gedeeld voorzitterschap van Annelies Versteegden en Pieterbas Lalleman. Nu de termijn van Lalleman is verstreken, stopt dit duo, maar de organisatie zet de constructie voort met een nieuwe combinatie.
Waarom zou je twee voorzitters willen? Volgens Amstelring is het simpel: in het complexe zorgveld is het een illusie om te denken dat een enkele voorzitter als alwetende alles in goede banen kan leiden. Twee voorzitters brengen meer ervaring, verschillende perspectieven en een sterker netwerk. Het klinkt misschien logisch, maar in de praktijk is het een zeldzaamheid.
### Wat is een gedeeld voorzitterschap precies?
Een gedeeld voorzitterschap betekent dat twee personen samen de verantwoordelijkheid dragen voor het leiden van de raad van toezicht. Ze verdelen taken, overleggen intensief en nemen gezamenlijk beslissingen. Het is niet hetzelfde als een vicevoorzitter die de voorzitter ondersteunt; beide voorzitters hebben gelijke stem en bevoegdheden.
Voordelen van deze aanpak zijn:
- **Meer slagkracht**: Twee voorzitters kunnen meer vergaderingen bijwonen en meer contacten onderhouden.
- **Betere besluitvorming**: Verschillende invalshoeken leiden tot doordachtere keuzes.
- **Continuïteit**: Als een voorzitter uitvalt, kan de ander direct inspringen.
- **Minder risico op tunnelvisie**: Twee mensen houden elkaar scherp.
### Waarom past dit bij de langdurige zorg?
De langdurige zorg is enorm complex. Het gaat om kwetsbare ouderen, chronisch zieken en mensen met dementie. De regelgeving is streng, de financiering is ingewikkeld en de werkdruk is hoog. Een raad van toezicht moet toezien op kwaliteit, financiën en strategie, maar ook oog hebben voor de menselijke maat.
"In het complexe zorgveld is het een illusie om te denken dat een enkele voorzitter als alwetende alles in goede banen kan leiden," zegt men bij Amstelring. Het gedeelde voorzitterschap zorgt voor meer diepgang en een bredere blik. Het is een erkenning dat niemand alles weet en dat samenwerking de sleutel is.
### Hoe werkt het in de praktijk?
Annelies Versteegden en Pieterbas Lalleman hebben vijf jaar samengewerkt. Ze spraken wekelijks af, stemden agenda's op elkaar af en verdeelden de contacten met bestuurders en externe partijen. Lalleman legde de nadruk op strategie en governance, Versteegden op kwaliteit van zorg en relaties met cliëntenraden.
Nu Lalleman vertrekt, zoekt Amstelring een nieuwe tweede voorzitter. De organisatie blijft overtuigd van het model. Het is geen modegril, maar een bewuste keuze die past bij de tijd. De zorg wordt steeds complexer, en bestuurders hebben meer dan ooit behoefte aan tegenspraak en ondersteuning.
### Is dit model geschikt voor andere organisaties?
Niet elke organisatie heeft baat bij twee voorzitters. Het vereist een sterke vertrouwensband, duidelijke afspraken en een cultuur van openheid. Als de twee voorzitters niet goed samenwerken, kan het leiden tot verwarring en stroperigheid. Maar als het werkt, levert het veel op.
Voor zorginstellingen die worstelen met governance of die te maken hebben met grote veranderingen, kan een gedeeld voorzitterschap een interessante optie zijn. Het dwingt tot meer overleg, meer reflectie en minder eenmansbeslissingen.
### Conclusie
Amstelring laat zien dat een raad van toezicht met twee voorzitters geen zwakte is, maar een kracht. Het is een moedig voorbeeld van hoe je leiderschap kunt organiseren in een tijd waarin complexiteit toeneemt. Het model is niet voor iedereen weggelegd, maar voor organisaties die durven te experimenteren, kan het een gamechanger zijn.
Of het de nieuwe standaard wordt in de zorg? Dat hangt af van de resultaten. Maar één ding is zeker: het gesprek over beter toezicht is hiermee geopend.