De verborgen rekening voor statushouders in de zorg

·
Luister naar dit artikel~4 min
De verborgen rekening voor statushouders in de zorg

De overheid profiteert financieel het meest van verpleegkundige opleidingen voor statushouders, maar weigert bij te dragen. Zorgaanbieders en donateors betalen de rekening, blijkt uit onderzoek.

Je hoort vaak dat er tekorten zijn in de zorg. Verpleegkundigen zijn schaars, en de druk op het personeel is hoog. Intussen zijn er ook mensen die graag willen werken, maar nog niet de juiste papieren hebben. Statushouders, bijvoorbeeld. Er zijn speciale trajecten om hen op te leiden. Maar wie betaalt daar eigenlijk voor? En vooral: wie profiteert er het meest van? Het antwoord is verrassend, en voor veel mensen misschien zelfs een beetje schokkend. De grootste winst gaat naar de rijksoverheid, blijkt uit onderzoek. Toch weigert diezelfde overheid financieel bij te dragen aan deze opleidingstrajecten. Dat is de kern van een businesscase van het UMCG-project 'Nieuwkomers in hun kracht', uitgevoerd door stichting Het Potentieel Pakken. ### Waarom de zorg gekozen wordt De zorgsector heeft een groot en structureel tekort aan gekwalificeerd personeel. Elke nieuwe verpleegkundige die instroomt, verlicht die druk een klein beetje. Projecten zoals 'Nieuwkomers in hun kracht' richten zich specifiek op statushouders. Deze mensen hebben vaak al ervaring of een groot motivatie om in de zorg te werken, maar missen de Nederlandse erkenning van hun diploma's of de vereiste taalvaardigheid. De trajecten voorzien in: - Intensieve taalcoaching op zorgniveau - Begeleiding bij het omzetten van buitenlandse kwalificaties - Praktijkstage onder begeleiding - Psychosociale ondersteuning bij integratie Het kost geld, tijd en menskracht om iemand zo'n traject te laten doorlopen. De investering is aanzienlijk. ### De verdeling van kosten en baten Hier wordt het interessant, en ook een beetje wrang. De businesscase laat duidelijk zien wie er betaalt en wie er ontvangt. Laten we het op een rijtje zetten: **Wie investeert?** Op dit moment zijn het vooral de zorgaanbieders zelf en filantropische organisaties die de trajecten financieren. Zij dragen de directe kosten. Denk aan de salarissen van coaches, de lesmaterialen en de begeleidingsuren. **Wie profiteert?** De rijksoverheid is de grote winnaar. Elke statushouder die via zo'n traject aan de slag gaat als verpleegkundige, betekent: - Lagere uitkeringen en minder sociale voorzieningen - Hogere belastinginkomsten over het salaris - Minder druk op de publieke gezondheidszorg door betere instroom - Een oplossing voor een maatschappelijk tekort zonder centrale overheidsinvestering De berekeningen tonen aan dat de financiële baten voor de staat op de langere termijn vele malen hoger zijn dan de initiële investering die nu door anderen wordt gedragen. "Het is alsof je de oogst van iemands anders gezaaide graan binnenhaalt," merkte een betrokken projectleider eens op. Die vergelijking komt akelig dichtbij de realiteit. ### Het gevolg van deze financieringsstructuur Omdat de overheid niet meebetaalt, blijft de capaciteit van dit soort projecten beperkt. Er zijn veel meer geïnteresseerde statushouders dan er plekken zijn. Tegelijkertijd blijven zorginstellingen zitten met openstaande vacatures. Het is een kwestie van vraag en aanbod die niet bij elkaar komt, terwijl de oplossing voor het oprapen lijkt te liggen. Zorgaanbieders die wel investeren, doen dat vaak vanuit een moreel besef of acute nood. Het is echter geen duurzaam model. Filantropische geldbronnen kunnen opdrogen, en de begrotingen van zorginstellingen staan zelf ook onder druk. ### De oproep voor een andere aanpak Wat zou er gebeuren als de rijksoverheid haar verantwoordelijkheid wel zou nemen? De businesscase schetst een ander scenario. Met structurele cofinanciering zouden de trajecten kunnen worden uitgebreid. Meer statushouders zouden sneller hun plek in de zorg vinden. De tekorten zouden afnemen, en de maatschappelijke opbrengst – zowel financieel als sociaal – zou alleen maar groeien. Het is niet alleen een kwestie van geld. Het gaat om erkenning. Erkenning dat integratie en het benutten van talent investeringen verdienen. Dat de winst voor de samenleving als geheel uiteindelijk groter is dan de kosten. Voor nu blijven de projecten afhankelijk van de goodwill van anderen. Terwijl degene die het meeste voordeel heeft, aan de zijlijn blijft staan. Het is een situatie die vraagt om een eerlijk gesprek en een nieuwe, gezamenlijke aanpak. De cijfers liegen niet; de voordelen zijn overduidelijk. Nu de politieke wil nog.