Waarom Stefan de Kort de verzekeraar geen pinautomaat noemt

·
Luister naar dit artikel~4 min
Waarom Stefan de Kort de verzekeraar geen pinautomaat noemt

Stefan de Kort nam na vijf jaar afscheid van Altrecht. Zijn boodschap: de verzekeraar is geen pinautomaat. Lees hoe hij de ggz-instelling financieel weer gezond maakte.

Hij begon ooit als interim financieel directeur, maar bleef uiteindelijk vijf jaar aan het roer staan naast Mariëlle Ploumen om de ggz-instelling Altrecht financieel weer gezond te maken. Nu neemt Stefan de Kort afscheid, en zijn afscheidswoorden zorgen voor discussie. Zijn boodschap? De verzekeraar is geen pinautomaat. Het is een uitspraak die je niet vaak hoort van een bestuurder die juist moet onderhandelen met zorgverzekeraars over vergoedingen. Maar wie de afgelopen jaren de berichten over Altrecht heeft gevolgd, begrijpt precies wat hij bedoelt. De instelling voor geestelijke gezondheidszorg stond er financieel niet goed voor toen De Kort binnenkwam. Er was een flinke reorganisatie nodig, bezuinigingen, en vooral heel veel gesprekken met iedereen die bij de zorg betrokken was. ### De verzekeraar als partner, niet als geldautomaat De Kort benadrukt in zijn afscheidsinterview dat zorginstellingen en verzekeraars samen verantwoordelijk zijn voor goede zorg. Maar die samenwerking is volgens hem de afgelopen jaren behoorlijk onder druk komen te staan. Steeds vaker kijken verzekeraars naar de kosten, en steeds vaker moeten zorgaanbieders verantwoording afleggen over elke euro die ze uitgeven. Dat is op zich niet verkeerd, zegt De Kort. Transparantie is belangrijk. Maar het mag niet zo worden dat een zorginstelling alleen nog maar bezig is met het voldoen aan administratieve eisen in plaats van met het bieden van goede zorg aan patiënten. Zijn punt: een verzekeraar is geen pinautomaat waar je als zorgaanbieder geld uit haalt wanneer je maar wilt. Er moet een volwassen relatie zijn, gebaseerd op wederzijds vertrouwen. ### Vijf jaar aan het roer Toen De Kort in 2019 aankwam bij Altrecht, was de situatie zorgwekkend. De instelling had te maken met oplopende verliezen, een hoge werkdruk onder medewerkers, en wachtlijsten die maar niet korter werden. Samen met bestuursvoorzitter Mariëlle Ploumen zette hij een ingrijpend herstelplan op. Dat betekende onder andere: - Het afstoten van niet-kernactiviteiten om focus aan te brengen - Een strikter financieel beleid met duidelijke kaders voor elke afdeling - Investering in digitale zorg om efficiënter te kunnen werken - Meer aandacht voor preventie om duurdere zorg later te voorkomen Het was geen makkelijke weg. Er vielen harde beslissingen, ook personeel moest eraan geloven. Maar beetje bij beetje kwam Altrecht weer in rustiger vaarwater terecht. De cijfers werden weer groen, en het vertrouwen van medewerkers en partners groeide langzaam terug. ### Wat blijft er achter? De Kort laat Altrecht achter met een gezondere financiële basis dan toen hij begon. Maar hij waarschuwt ook voor de toekomst. De zorg staat wereldwijd onder druk, en Nederland is daarop geen uitzondering. De vergrijzing zorgt voor meer zorgvragen, terwijl het aantal zorgmedewerkers niet meestijgt. Dat vraagt om creatieve oplossingen en vooral om een andere manier van denken. Volgens De Kort moeten zorginstellingen en verzekeraars veel meer samen optrekken. Niet alleen over geld praten, maar ook over innovatie, over preventie, en over de vraag hoe we de zorg toegankelijk houden voor iedereen die het nodig heeft. Dat is een boodschap die verder reikt dan Altrecht alleen. Het raakt de hele Nederlandse ggz. ### Een persoonlijk afscheid Wie De Kort kent, omschrijft hem als een bestuurder met beide benen op de grond. Geen man van grote woorden, maar van daden. Zijn afscheid betekent dan ook niet dat hij helemaal stopt met zorg. Hij blijft actief in adviesrollen en hoopt vanuit die positie een bijdrage te blijven leveren aan een beter zorgstelsel. Voor Altrecht breekt nu een nieuwe fase aan. De financiële basis is gelegd, maar de echte uitdaging ligt in het vasthouden van die gezondheid terwijl de zorgvraag blijft groeien. De opvolger van De Kort heeft dus geen gemakkelijke taak. Maar dankzij het werk van de afgelopen vijf jaar staat het schip er in ieder geval een stuk beter bij dan voorheen. En misschien is dat wel de belangrijkste erfenis van Stefan de Kort: het besef dat financiële gezondheid en goede zorg geen tegenpolen zijn, maar elkaar juist versterken. Als dat besef blijft hangen bij bestuurders en verzekeraars, dan heeft zijn periode bij Altrecht meer opgeleverd dan alleen een sluitende begroting.