Radboudumc waarschuwt: dit verandert er voor de SEH na 2027
Margriet Bos ·
Luister naar dit artikel~5 min

SEH-hoofd Ties Eikendal van het Radboudumc uit serieuze zorgen over de invoering van budgetbekostiging per 2027. De snelheid en mogelijke gevolgen voor kwaliteit van spoedeisende hulp baart veel professionals zorgen.
Het is een onderwerp dat veel zorgprofessionals bezighoudt, maar waar nog weinig concreets over bekend is. De invoering van budgetbekostiging voor spoedeisende hulp (SEH) per 1 januari 2027. In het Radboudumc klinkt een duidelijke waarschuwing van SEH-hoofd Ties Eikendal. Hij maakt zich zorgen. Grote zorgen.
En dat is begrijpelijk. Want wanneer je werkt in een omgeving waar elke seconde telt, waar beslissingen levens kunnen redden, dan wil je zekerheid. Over je middelen, over je capaciteit, over de kwaliteit die je kunt leveren. Die zekerheid is er nu niet. Er hangt een wolk van onzekerheid boven deze verandering.
### Waarom maakt het Radboudumc zich zorgen?
Ties Eikendal noemt twee concrete punten die hem wakker houden. Ten eerste de snelheid van invoering. We hebben het over 2027 - dat klinkt nog ver weg, maar in zorgland is dat eigenlijk om de hoek. Zulke ingrijpende veranderingen vragen tijd. Tijd om te plannen, tijd om te testen, tijd om te leren.
En ten tweede, misschien wel het belangrijkste: de gevolgen voor kwaliteit. Want laten we eerlijk zijn, bij budgetbekostiging denk je al snel aan bezuinigingen. Aan minder middelen, aan kortere lijntjes, aan 'doe maar wat met wat je hebt'. En dat is precies waar de vrees zit.
- Wordt wachttijd belangrijker dan zorgkwaliteit?
- Moeten we keuzes maken tussen patiënten?
- Blijft er genoeg ruimte voor complexe spoedgevallen?
Dat zijn vragen die nu leven. En ze verdienen antwoorden.
### Wat betekent dit voor patiënten?
Als professional in de ouderenzorg vraag je je vast af: hoe raakt dit mijn cliënten? Ouderen vormen een aanzienlijk deel van de SEH-bezoekers. Vaak met complexe problematiek die tijd en expertise vraagt.
Stel je voor: mevrouw Jansen, 82 jaar, valt thuis. Haar persoonsalarmering gaat af, de hulp komt, maar ze heeft pijn aan haar heup. Naar de SEH dus. Onder het nieuwe systeem zou druk kunnen ontstaan om haar snel door te verwijzen. 'Geen breuk? Dan naar huis.' Maar wat als er onderliggende problemen zijn? Wat als ze eigenlijk niet meer zelfstandig kan?
"Kwaliteit moet voorop blijven staan, ongeacht het financieringssysteem," benadrukt Eikendal. En daar kunnen we het alleen maar mee eens zijn.
### De menselijke kant van de cijfers
Daar zit hem de kneep. Budgetbekostiging klinkt zo administratief. Alsof het over spreadsheets gaat en jaarverslagen. Maar het gaat over mensen. Over die ene patiënt die midden in de nacht binnenkomt met pijn op de borst. Over het kind dat van de klimrek is gevallen. Over de mantelzorger die even niet meer weet hoe het verder moet.
Het gaat over vertrouwen. Het vertrouwen dat wanneer je de SEH binnenstapt, er iemand is die naar je luistert. Die de tijd neemt. Die niet alleen naar de klacht kijkt, maar naar de mens erachter.
### Wat kunnen we leren van andere landen?
Nederland is niet het eerste land dat met dit soort veranderingen experimenteert. In het Verenigd Koninkrijk werd enkele jaren geleden een vergelijkbaar systeem ingevoerd. De resultaten waren... gemengd.
Aan de ene kant zorgde het voor meer efficiency in eenvoudige gevallen. Aan de andere kant ontstonden er wachtlijsten voor complexere problemen. Specialisten gaven aan minder tijd per patiënt te hebben. En de werkdruk nam toe.
Het is een waarschuwing die we serieus moeten nemen. Want wat in theorie goed klinkt, werkt in de praktijk soms anders.
### De weg vooruit
Dus wat nu? Paniek zaaien heeft geen zin. Maar wel alert zijn. Wel vragen stellen. Wel zorgen uiten, zoals het Radboudumc doet.
Misschien moeten we terug naar de basisvraag: wat willen we met onze spoedeisende hulp? Willen we een productielijn waar patiënten zo snel mogelijk doorheen gaan? Of willen we een plek waar kwetsbare mensen, waaronder veel ouderen, op hun moeilijkste momenten op goede zorg kunnen rekenen?
Het antwoord lijkt me duidelijk. Maar het vraagt moed om dat standpunt vast te houden wanneer de budgetten krapper worden. Het vraagt lef om te zeggen: 'dit is ons minimum, en daar gaan we niet onder'.
De komende jaren worden cruciaal. Er moet ruimte komen voor pilots, voor evaluatie, voor bijsturing. En vooral: voor het meenemen van de mensen die het werk doen. De verpleegkundigen, de artsen, de ondersteuners. Zij weten als geen ander wat werkt en wat niet.
Laten we hopen dat hun stem gehoord wordt. Voor onze eigen veiligheid, en die van de mensen voor wie we zorgen.