Waarom de ophef over een-op-een jeugdzorg volgens deze bestuurder misplaatst is

·
Luister naar dit artikel~4 min
Waarom de ophef over een-op-een jeugdzorg volgens deze bestuurder misplaatst is

De ophef in Den Haag over het hoge aantal kinderen met een-op-een begeleiding is volgens bestuurder Ingrid Widdershoven van VGN moeilijk te begrijpen. Jarenlange focus op de afbouw van gesloten jeugdzorg zonder voldoende alternatieven maakt deze ontwikkeling volgens haar allesbehalve verrassend.

De discussie in Den Haag over het aantal kinderen met een-op-een begeleiding loopt hoog op. Minister Sterk reageerde geschokt, maar Ingrid Widdershoven van VGN vindt die reactie misplaatst. Volgens haar is de ontwikkeling allesbehalve verrassend. En eerlijk? Als je de afgelopen jaren hebt gevolgd hoe de gesloten jeugdzorg werd afgebouwd, dan snap je precies wat ze bedoelt. ### Een voorspelbare uitkomst, geen verrassing Al jaren wordt er ingezet op het verminderen van gesloten jeugdzorg. Het idee daarachter is sympathiek: kinderen horen niet achter slot en grendel, ze horen thuis of in een zo normaal mogelijke omgeving. Maar zoals wel vaker bij goede bedoelingen, ontbrak het aan een concreet plan B. Want wat gebeurt er als je een gesloten instelling sluit, maar er geen passend alternatief voor in de plaats hebt? Precies. Dan belanden kinderen in een-op-een begeleiding, simpelweg omdat er geen andere plek is. Widdershoven noemt dat geen verrassing, en ze heeft een punt. Als je een dijk doorsteekt zonder eerst een nieuwe dijk aan te leggen, dan weet je dat het nat wordt. Toch lijken beleidsmakers nu verrast te zijn dat het water stijgt. ### De cijfers liegen er niet om Het aantal kinderen met een-op-een begeleiding is de afgelopen jaren flink gestegen. Niet omdat er opeens veel meer kinderen zijn die dat nodig hebben, maar omdat het systeem simpelweg geen andere opties biedt. Je kunt het vergelijken met een verkeersprobleem: als je een snelweg afsluit zonder een goede omleiding, dan staan alle auto's vast op de binnenwegen. De file is niet het probleem, het is een symptoom. Widdershoven pleit dan ook voor een realistische blik. Natuurlijk is het belangrijk om gesloten jeugdzorg af te bouwen. Maar dat kan alleen als er tegelijkertijd wordt geïnvesteerd in alternatieven. Denk aan kleinschalige woonvormen, intensieve ambulante begeleiding en meer expertise in de reguliere jeugdzorg. Zonder die investeringen blijft het dweilen met de kraan open. > "Je kunt niet iets afbreken zonder iets beters terug te bouwen. Dat is geen kritiek, dat is gewoon logica." - Ingrid Widdershoven ### Wat betekent dit voor de praktijk? Voor professionals in de jeugdzorg is dit geen abstracte discussie. Het gaat om kinderen die vastlopen, om gezinnen die wanhopig op zoek zijn naar hulp en om medewerkers die dag in dag uit hun uiterste best doen binnen een systeem dat hen tegenwerkt. De roep om een-op-een begeleiding komt niet voort uit gemakzucht, maar uit noodzaak. Er is simpelweg geen alternatief. Als we echt willen dat kinderen de juiste zorg krijgen, dan moeten we verder kijken dan de waan van de dag. Dat betekent: investeren in preventie, in gezinsondersteuning en in een jeugdzorgsysteem dat niet reageert, maar proactief is. Anders blijven we van crisis naar crisis rennen, en dat helpt uiteindelijk niemand. - **Investeer in alternatieven** voordat je bestaande voorzieningen afbouwt. - **Kijk naar de oorzaak** achter het stijgende aantal een-op-een trajecten. - **Geef professionals de ruimte** om maatwerk te leveren, in plaats van hen te laten worstelen met bureaucratie. ### Verder kijken dan de schrikreactie De schrikreactie van minister Sterk is begrijpelijk, maar niet behulpzaam. Het probleem is niet dat er te veel een-op-een begeleiding is, het probleem is dat we te lang hebben nagelaten om een goed alternatief te bouwen. Laten we die energie steken in oplossingen, in plaats van in verontwaardiging. Want uiteindelijk gaat het om één ding: dat elk kind de hulp krijgt die het verdient.