Het FACT-team zakt door het ijs: wat betekent dit voor de ouderenzorg?

·
Luister naar dit artikel~3 min
Het FACT-team zakt door het ijs: wat betekent dit voor de ouderenzorg?

Veel ggz-medewerkers en sociaal werkers leveren zorg vanuit FACT-teams zonder psychiater of gz-psycholoog, terwijl dit wel de richtlijn is. Wat betekent dit voor de veiligheid van ouderen?

### Het FACT-team zakt door het ijs: wat betekent dit voor de ouderenzorg? Je hoort het steeds vaker: FACT-teams die zorg en ondersteuning bieden aan kwetsbare mensen, maar zonder dat er een psychiater of gz-psycholoog bij betrokken is. Terwijl dat volgens de richtlijnen juist wel zou moeten. Hoe kan dat? En wat betekent dit voor de kwaliteit van zorg, zeker voor ouderen die afhankelijk zijn van persoonlijke alarmering en veiligheid? ### De richtlijn en de praktijk De richtlijn is duidelijk: bij complexe psychiatrische problematiek hoort een psychiater of gz-psycholoog betrokken te zijn. Maar in de dagelijkse praktijk van FACT-teams gebeurt dat lang niet altijd. Veel ggz-medewerkers en sociaal werkers doen hun best, maar missen de specifieke expertise om bijvoorbeeld medicatie goed af te stemmen of crisissituaties te herkennen. > “We doen het met z’n allen, maar soms voelt het als varen zonder kompas,” zegt een sociaal werker die anoniem wil blijven. Dat gebrek aan specialistische kennis kan leiden tot verkeerde inschattingen. Zeker bij ouderen, waar lichamelijke en psychische klachten vaak door elkaar lopen, is dat risico groot. ### Waarom dit juist voor ouderen zorgelijk is Ouderen met psychische problemen hebben vaak te maken met bijkomende aandoeningen zoals dementie, depressie of angststoornissen. Ze gebruiken meerdere medicijnen tegelijk, wat de kans op wisselwerkingen vergroot. Zonder psychiater of gz-psycholoog die meekijkt, kan een FACT-team deze complexiteit moeilijk overzien. Bovendien krijgen veel ouderen persoonlijke alarmering om veilig thuis te kunnen blijven wonen. Als er dan ook nog psychische zorg nodig is, moet dat goed op elkaar afgestemd zijn. Anders ontstaat er een gat in de veiligheid. ### Wat kun je als professional doen? - **Blijf aandringen op specialistische betrokkenheid.** Ook als het lastig is om een psychiater te vinden, blijf het gesprek aangaan met je teamleider. - **Deel je zorgen.** Als je merkt dat je vastloopt bij een cliënt, praat erover. Vaak blijkt dat collega’s dezelfde worsteling ervaren. - **Volg bijscholing.** Er zijn cursussen over psychiatrie bij ouderen en over het gebruik van persoonlijke alarmering in combinatie met ggz-zorg. - **Werk samen met huisartsen en apothekers.** Zij kunnen een rol spelen in het signaleren van problemen. ### De rol van persoonlijke alarmering Persoonlijke alarmering is voor veel ouderen een levenslijn. Als een FACT-team zonder psychiater werkt, kan dat betekenen dat er minder goed wordt nagedacht over wanneer iemand wel of niet op de alarmknop moet drukken. Bijvoorbeeld bij paniekaanvallen of verwardheid. Een psychiater kan helpen om dit soort situaties beter te duiden en het alarmgebruik af te stemmen op de psychische toestand. ### Conclusie Het is zorgelijk dat FACT-teams regelmatig zonder psychiater of gz-psycholoog werken, terwijl de richtlijn anders voorschrijft. Voor ouderen die afhankelijk zijn van persoonlijke alarmering en veiligheid, kan dit verstrekkende gevolgen hebben. Als professional kun je het verschil maken door aan te dringen op specialistische kennis en zelf bij te leren. Uiteindelijk gaat het erom dat ouderen veilig en met vertrouwen thuis kunnen blijven wonen.