BIG-register uitbreiding: Betere zorgkwaliteit of risico?
Margriet Bos ·
Luister naar dit artikel~5 min

Twee nieuwe zorgberoepen komen in het BIG-register, maar steeds meer zorg wordt verleend door niet-geregistreerden. Wat betekent dit voor de kwaliteit en veiligheid van zorg in Nederland? Een kritische blik op deze ontwikkeling.
Laatst las ik iets wat me echt aan het denken zette. Er komen twee nieuwe zorgberoepen bij in het BIG-register. Dat hoor je niet vaak, toch? Het gebeurt maar zelden dat er beroepen worden toegevoegd aan dat officiële register.
En terwijl dat gebeurt, merk ik iets anders op. Steeds meer zorg wordt verleend door mensen wiens beroep helemaal niet in dat register staat. Dat zet me aan het denken. Wat betekent dat eigenlijk voor de kwaliteit van onze zorg? En vooral: voor de veiligheid van de mensen die die zorg nodig hebben?
### Wat betekent het BIG-register eigenlijk?
Even voor wie niet precies weet wat het BIG-register is. Het staat voor Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg. Het is een soort officiële erkenning. Als je beroep hierin staat, betekent dat dat je aan bepaalde kwaliteitseisen voldoet. Je hebt de juiste opleiding gehad. Je houdt je aan professionele regels. En er is toezicht op hoe je je werk doet.
Het klinkt misschien als bureaucratie, maar het heeft een belangrijke functie. Het beschermt patiënten. Het zorgt ervoor dat je weet: deze persoon mag dit doen, want hij of zij is daarvoor gekwalificeerd. Dat geeft vertrouwen.
### De groeiende groep buiten het register
Nu zie ik dus dat er steeds meer zorgverleners zijn die buiten dit systeem vallen. Denk aan:
- Persoonlijke begeleiders in de thuiszorg
- Mantelzorgondersteuners
- Wijkverpleegkundigen in bepaalde functies
- Zorgassistenten met specifieke taken
Deze mensen doen belangrijk werk. Vaak heel goed werk ook. Maar ze vallen niet onder dezelfde controle als de BIG-geregistreerde beroepen. En dat baart me zorgen.
Want stel je voor: je moeder of vader heeft zorg nodig. Je wilt toch zeker weten dat degene die komt helpen, weet wat hij of zij doet? Dat er iemand is die controleert of het goed gaat?
### De risico's van niet-geregistreerde zorg
Ik maak me zorgen om een paar dingen. Ten eerste: kwaliteit. Zonder registratie is er minder zicht op of iemand bijscholing nodig heeft. Of de werkwijze nog up-to-date is. Zorg verandert constant, nieuwe inzichten komen bij. Hoe blijf je dan bij?
Ten tweede: veiligheid. Wat als er iets misgaat? Bij BIG-geregistreerden is duidelijk wie verantwoordelijk is. Bij niet-geregistreerden wordt dat vaak ingewikkelder.
En ten derde: erkenning. De mensen die dit werk doen, verdienen erkenning voor hun vakmanschap. Registratie kan daarbij helpen.
### Maar is uitbreiding de oplossing?
Die twee nieuwe beroepen in het BIG-register - dat is een begin. Maar is het genoeg? Ik vraag me af of we niet verder moeten kijken. Moeten we niet nadenken over een breder systeem? Een manier om álle zorgverleners te erkennen en te controleren op hun kwaliteit?
Want laten we eerlijk zijn: zorg is teamwork. Het gaat niet om één beroepsgroep. Het gaat om hoe alle verschillende mensen samenwerken om iemand te helpen.
### Wat betekent dit voor de toekomst?
Ik denk dat we op een keerpunt staan. De vraag naar zorg groeit. Er komen nieuwe vormen van zorg bij. En het aantal zorgverleners buiten het BIG-register neemt toe.
We moeten nu keuzes maken. Willen we dat deze ontwikkeling gewoon doorgaat? Of willen we actief nadenken over hoe we de kwaliteit en veiligheid kunnen waarborgen?
Een collega zei me laatst iets wat bleef hangen: "Registratie is geen doel op zich. Het is een middel om goede zorg te garanderen." Daar zit wat in. Het gaat niet om papierwerk. Het gaat om mensen. Om de oudere die thuis zorg nodig heeft. Om de patiënt die afhankelijk is van deskundige hulp.
### Mijn persoonlijke kijk
Na jaren in deze sector werk ik met een simpel uitgangspunt: iedereen verdient de best mogelijke zorg. En iedereen die zorg verleent, verdien ondersteuning om dat zo goed mogelijk te doen.
Die twee nieuwe beroepen in het BIG-register? Dat is een stap. Maar laten we niet denken dat het daarmee klaar is. Laten we het gesprek blijven voeren. Over hoe we zorg beter kunnen maken. Veiliger. Meer betrouwbaar.
Want uiteindelijk draait het hierom: kunnen we met een gerust hart zeggen dat onze ouders, onze partners, onszelf - dat wij allemaal - goede zorg krijgen als we die nodig hebben? Daar zou het altijd over moeten gaan.
En dat gesprek? Dat begint met erkennen dat de wereld van zorg verandert. En dat onze systemen mee moeten veranderen. Niet omdat het moet, maar omdat het moet voor de mensen die op onze zorg rekenen.